GGZ Friesland Logo

Zoekformulier

Zoeken

Hoofdnavigatie

Hoofdnavigatie:


Kruimelpad

Op hierarchische volgorde, het laatste element is de huidige pagina


Hypochondrie

Cognitieve gedragstherapie bij hypochondrie of ziektevrees

Een psychologische behandeling voor hypochondrie kan pas starten wanneer door een arts is vastgesteld dat een lichamelijke oorzaam voor de klachten niet aannemelijk is en dat verder medisch onderzoek niet zinvol is. Veel mensen die met een behandeling starten hebben vaak al uitgebreid medisch onderzoek achter de rug, zonder dat er iets gevonden is.

De behandeling richt zich op vermindering van de angst en overbezorgdheid en niet op vermindering van lichamelijke klachten en gewaarwordingen. Doel van de behandeling is dat u zich minder zorgen maakt over datgene wat u in uw lichaam voelt, dat u meer vertrouwen krijgt in uw lichaam, dat u minder zaken uit de weg gaat en dat u minder controles uitvoert en minder op zoek gaat naar geruststelling.

U leert om te gaan met het gegeven dat we nooit volledige zekerheid kunnen hebben over onze gezondheid. Kortom, de behandeling van hypochondrie richt zich op verandering van denken in combinatie met verandering van gedrag. Hierdoor zal uiteindelijk de angst kunnen afnemen.

Automatische gedachten
Bij de cognitieve therapie brengt u door middel van een gedachtedagboek in kaart hoe lichamelijke gewaarwordingen leiden tot automatische gedachten over ziekte en hoe deze gedachten vervolgens weer leiden tot angstgevoelens en tot het controleren van het lichaam en het zoeken van geruststelling.

In de behandeling wordt samen met u gekeken in hoeverre deze automatische gedachten aannemelijk zijn. Wat zijn de bewijzen voor en tegen uw automatische ziektegedachten en zijn er ook andere verklaringen mogelijk voor de lichamelijke gewaarwordingen? Door er op deze manier naar te kijken, kunt u geleidelijk een andere kijk ontwikkelen op de lichamelijke verschijnselen die u bij uzelf waarneemt.

Verandering in gedrag

Bij de gedragstherapie richten we ons op verandering van het gedrag. Hiervoor maken we eerst een lijst van alle zaken waar u bang voor bent, en die u om die reden vermijdt. Vervolgens maken we ook een lijst van alle vormen veiligheidsgedrag, zoals het uitvoeren van controles en het vragen van geruststelling.

Daarna wordt in overleg met u een stappenplan gemaakt voor de geleidelijke blootstelling aan zaken die u vermijdt, in combinatie met het achterwege laten van het veiligheidsgedrag. Bijvoorbeeld wanneer u bang bent voor een hartstilstand en om die reden lichamelijke inspanning vermijdt, dan kan de therapie bestaan uit een programma van geleidelijke blootstelling aan inspanning, terwijl u het controleren van de hartslag (veiligheidsgedrag) achterwege laat.

Wanneer u bij een lichamelijke klacht gewend bent om meteen naar uw huisarts te gaan, dan kan de therapie bestaan uit het uitstellen van het huisartsbezoek en het 'even een paar dagen aan te zien'. Als u bang bent dat slaaptekort gevaarlijk is voor uw gezondheid en u om die reden dwangmatig bezig bent met uw nachtrust, dan kan de therapie bestaan uit het experimenteren met een kortere nachtrust, zonder dat u dan de volgende dag extra rustig aan doet.  

De cognitieve therapie en de gedragstherapie worden in de regel steeds in combinatie met elkaar uitgevoerd. Door dit gedurende langere tijd vol te houden krijgt u geleidelijk aan steeds meer greep op uw angstige gedachten en uw angstige manier van omgaan met uw lichamelijke gewaarwordingen.